De omgangsregels voor de koptelefoon op het werk

Categorieën: laatste nieuws

Een klikkende pen, nerveus getik op een toetsenbord, een luid telefoongesprek. De medewerker in de reclame kijkt wanhopig om zich heen. Maar dan doet hij zijn noise cancelling earpods in. De kantooromgeving vervaagt en plots staat hij te swingen tussen de gitarist en de drummer van zijn favoriete band. Met een glimlach vervolgt hij even later zijn weg door de kantoortuin.

„Het is voor het eerst dat we in het reclamebeeld expliciet een kantooromgeving gebruiken”, zegt een woordvoerder van Sony aan de telefoon. „Nu rust op de werkvloer een steeds belangrijker thema is, spelen we daar gericht op in.”

Want waar de geluidswerende koptelefoon eerder het domein was van vliegtuigpassagiers, duikt hij nu steeds vaker op de werkvloer op. Niet alleen bij start-ups, maar ook bij een organisatie als het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), waar de directie communicatie een aantal weken geleden peilde wie er behoefte had aan een (door de afdeling vergoede) koptelefoon. Fijn om geconcentreerd een stuk te kunnen schrijven en tóch niet los van de groep te zitten, was de gedachte. Ook bij het ministerie van Buitenlandse Zaken kunnen werknemers de kosten voor een geluidswerende koptelefoon (gedeeltelijk) declareren.

In de prikkelrijke kantoortuin lijkt een noise cancelling headphone dan ook bepaald geen overbodige luxe. Maar zorgt die focus bij de één niet voor frictie bij de ander? Je bent tenslotte onbereikbaar voor collega’s die jou misschien net nodig hebben. Sommige organisaties hebben inmiddels omgangsregels voor de koptelefoon, zoals mediabedrijf Blendle. In het open kantoor in Utrecht staan zo’n 45 bureaus voor negentig medewerkers. De afspraak is: als iemand zijn koptelefoon op heeft, stoor je diegene niet. Communiceren doe je dan via chatdienst Slack of via e-mail. Woordvoerder Jeroen Amelsbeek: „Ik vertel nieuwe mensen meteen op hun eerste werkdag dat we zo werken. Het helpt om daar duidelijk over te zijn.”

Mocht de nieuwe collega toch iemand met een koptelefoon op storen, dan wordt hij daar op aangesproken. „Ik weet dat sommige collega’s dan meteen een linkje sturen met een artikel waarin wordt uitgelegd hoe lang het duurt om je concentratie na een onderbreking weer te herpakken – 23 minuten, blijkbaar”, aldus Amelsbeek.

Het Blendle-kantoor oogt nu dan misschien als een rustige bibliotheek, vijf jaar geleden was dat wel anders, vertelt Amelsbeek: „Het was een soort losgeslagen bende millennials, met pingpongtafels en blikjes bier.” Als remedie bedachten ze het ‘driezonesbeleid’: van zone A waar gefluisterd mocht worden tot zone C waar totale stilte gold. „Maar dat voelde toch wat te rigide. De zones werden bovendien met bordjes op de muur aangegeven – dat gaf een lacherige, Toren C-achtige vibe. De zones verdwenen weer, de noise cancelling headphoneskwamen ervoor in de plaats.”

Persoonlijke ruimte

De populariteit van de kantoorkoptelefoon kan voor een deel worden toegeschreven aan onze behoefte aan een „auditieve persoonlijke ruimte”, zegt Wim Pullen, directeur van kenniscentrum Center for People and Buildings (CfPB), onderdeel van de TU Delft. „Net zoals je een personal space kunt hebben in de fysieke ruimte, kun je ook behoefte hebben aan een auditieve variant daarvan. Met een koptelefoon kun je een persoonlijke grens aangeven en je auditief afsluiten.”

Lees ook:‘De flexplek verandert in een lawaaiige, eenzame dystopie’

Maar, zegt Pullen, met een koptelefoon op onttrek je jezelf óók aan de sociale werkelijkheid. „Dat is een nadeel. In een studie over koptelefoons op de werkvloer zag je hoe mensen er een tijdje gebruik van maakten, maar ze vervolgens weer afzetten omdat de koptelefoon ze belemmerde in het opvangen van gesprekken tussen collega’s. Je ontneemt jezelf de kans op een prikkel die misschien een creatieve gedachte kan voortbrengen.” Of ervoor zorgt dat je op de hoogte blijft.

Klaas Kroezen, oprichter van onderzoeksbureau WUA in Amsterdam, gaf zijn 35 werknemers ondanks de bezwaren een geluidswerende koptelefoon cadeau. „De voordelen zijn veel groter”, stelt hij. Kroezen noemt deep work als voorbeeld. De term, afkomstig van informaticus Cal Newport, houdt in dat je voor korte tijd supergeconcentreerd en zonder afleiding werkt, waardoor je in die tijd zeer productief bent. Het betekent ook: minder prikkels hoeven te verwerken en daardoor minder uitgeput thuiskomen.

Kroezen: „Met die koptelefoon zeg je dat je even niet gestoord wil worden. Vragen spaar je op tot één moment, waarvan de helft een uur later vaak al blijkt opgelost.” Daarnaast blijven er genoeg „echte” contactmomenten over, zegt Kroezen. Tijdens de dagelijkse vergadering bijvoorbeeld, of bij een potje tafeltennis in de kantine.

Zo bezien lijkt een modern kantoor bijna niet zonder geluidswerende apparatuur te kunnen, maar daar wil Wim Pullen toch graag een kanttekening bij plaatsen. „Wij mensen zijn heel fancy toegerust om te kunnen functioneren in groepen. Als jij besluit om geconcentreerd te werken en die bellende collega op de achtergrond te negeren, dan kan dat gewoon! Natuurlijk moet er niet té veel omgevingsgeluid zijn, en die grens kan per persoon verschillen. Maar: mensen kunnen veel aan. Ook zónder koptelefoon.”

Reageer

CAPTCHA ImageNieuwe codeSpeel de code af
Auteur
NRC.nl
Publicatie datum
29-7-2019 12:00
Deel dit artikel
toggle Vragen? Chat met ons!STEL JE VRAAG
Consultant toggle
send

Sorry

Op dit moment is er niemand online. Laat je gegevens hier achter, dan nemen wij contact op.

Bedankt

Bedankt voor de informatie, we nemen snel contact met je op.
LEF Recruitment gebruikt cookies om bepaalde voorkeuren te onthouden en vacatures af te stemmen op je interesses.
Close